Bomans & voetbal
![]() Godfried Bomans (1913-1971) staand, derde van links, met het studentenelftal van de universiteit van Amsterdam waar Bomans midvoor was, omstreeks 1936. Onder op de kaart een opmerking die niets met voetbal van doen heeft: ‘In Nijmegen loopen meisjes rond die alleen reeds een verblijf in dezen stad rechtvaardigen.’ Collectie G. Prenen-Biermann, Santpoort-Zuid |
![]() |
In
januari 1972 schreef Eva Bomans, |
||
Godfried Bomans speelde van 1927 tot 1930 in het zesde elftal van de Haarlemse club Alliance en zou in zijn latere leven geen wedstrijd overslaan van HFC en schreef zeer geregeld over voetbal, vooral in de Volkskrant en Elsevier. Natuurlijk gebeurde dit op een schertsende manier, zoals blijkt uit het artikel ‘Enige richtlijnen’: 'Vrienden, ditmaal een ernstig, ik mag wel zeggen, bekommerd woord. Gij juicht, omdat wij van Duitsland gewonnen hebben. Ik wil het feit zelf niet ontkennen. De stand 2-1 spreekt een te duidelijke taal. Maar hier schuilt juist het gevaar. Gij denkt nu: we zijn er, Nederland spreekt weer 'n woordje mee. Pas op, pas op, pas op. We zijn er nog lang niet.’ |
||||
|
Daarna volgt een evaluatie van het spel van enkele hoofdrolspelers: ‘Nemen
we Notermans. Ik doe maar een greep. Als dribbelaar bevredigend, als terriër
teleurstellend. Hij kwam bovendien, zoals we gelezen hebben, “adem te
kort”. En hoe stond het met Abe zelf? Hij was, zo deelt ons de verslaggever mee, de enige volmaakt tweebenige speler van onze ploeg. Ik betreur dit. Zeker, ook de invalide moet een kans krijgen, maar een getal van tien lijkt ons wat aan de hoge kant. [...] Ziehier slechts een
paar opmerkingen, waaruit blijkt dat er aan onze ploeg nog veel te verbeteren
valt.’ Bomans behoorde tot de schrijvende voetballief-hebbers die de sport
ook nog eens zelf beoefenden. Andere voorbeelden: J.W.F. Werumeus Buning
en G.H.'s-Gravesande. De eerste speelde lange tijd als midvoor bij vvo
uit Velp, de tweede bij Quick uit Den Haag. |
||||
![]() ![]() |
||||