Dankwoord
bij de presentatie van
het laatste deel "Werken"
op 10 september 1999
door Fred Berendse (voorzitter)
"Ik
zit mij voor het vensterglas onnoemelijk te vervelen
ik wou dat ik nu Bomans las uit duimendikke delen."
Waarde toehoorders,
vanaf deze heuglijke dag hoeft niemand meer duimen te draaien. Iedereen kan
nu het Bomans-septet lezen, bijna 6.000 bladzijden. Wie vandaag op de eerste
pagina begint en elke dag een bladzijde leest, is op 10 september 2015 aan de
laatste toe. Van ons, de leden van het Godfried Bomans Genootschap, hoeft men
dus de komende jaren geen last te hebben. Wij kregen immers 7 GB, geen 7 giga-byte,
maar 7 Grote Boeken. Zij dragen de slimme naam "Werken".
De titel is niet "De Verzamelde Werken" omdat, hoe ongeloofwaardig
het ook klinkt, in deze banden toch nog niet alles kon worden opgenomen. Met
de titel is dus een probleem omzeild. De titel is ook slim gekozen, omdat men
hem, behalve als zelfstandig naamwoord, ook kan lezen als werkwoord,
zodat hij niet alleen slaat op de inhoud van de boeken, maar tevens refereert
aan de arbeid die de auteur verrichtte. "Schrijft u veel?" vraagt
de interviewer in het artikel 'Schrijven is schrappen' (Op de keeper beschouwd-red.)
aan Godfried Bomans. "Ja hoor," antwoordde mijn gastheer, "ik
begin 's ochtends om vijf uur, hoewel het ook wel eens half zes wordt, want
een mens blijft zwak. En als het donker wordt, schei ik ermee uit." "Dat
loopt op," meende ik. "Dat moet U toch niet zeggen," zei de heer
Bomans, "want ik schrijf maar één regel per uur, dus ik moet wel vroeg
beginnen." Nu blijkt dat deze grappig bedoelde dialoog niet ver naast de
waarheid ligt. 42 jaar lang ongeveer 15 uur per dag één zin schrijven moet bijna
230.000 zinnen op hebben geleverd. Op 7 maal 800 bladzijden met 38 regels staan
iets meer dan 210.000 regels. Maar het is niet alleen de omvang die diep respect
afdwingt.
Vooral de inhoud verdient waardering. Zelfs Jeroen Brouwers, toch niet bekend
om zijn loftuitingen, rept over "een rijkdom aan nooit eerder gepubliceerde
(...) teksten (...)". En hij noemt de delen 4 en 5 "verplichte lesstof"
op iedere school voor journalistiek vanwege de "briljante formuleerkunst".
Daarom zijn wij vandaag allereerst erkentelijkheid verschuldigd aan Godfried
Bomans voor het grote genoegen dat hij ons schonk.
Hoewel Godfried
Bomans verantwoordelijk is voor de inhoud en de omvang, slaat "Werken"
ook op de grote groep mensen die zich heeft ingezet voor de verwezenlijking
van het project.
Bijzondere dank aan mevrouw Bomans voor het ter beschikking stellen van de literaire
nalatenschap.
Dank ook aan de heer Bangert voor zijn stimulerende rol als animator. Dank aan
de uitgever voor de coördinatie.
Dank aan de sponsors voor hun geldelijke bijdragen.
En ook dank aan de vormgevers, zoals typograaf, drukker en binder voor het fraaie
en voorname uiterlijk.
Dank aan alle anderen die aan de totstandkoming hebben meegewerkt. Door U allen
kan in de volgende editie van de dikke Van Dale in de lange lijst zevens, tussen
de zeven wereldwonderen en de zeven zuilen der wijsheld, de zeven Werken van
Bomans worden opgenomen.
Met opzet heb ik de bezorgers, Peter van Zonneveld en Annemarie Feilzer, buiten beschouwing gelaten. Zij verdienen afzonderlijk geprezen te worden. Zij speurden naar vergeten werk, vergeleken verschillende uitgaven, zochten naar oorspronkelijke versies, sorteerden en categoriseerden, corrigeerden en selecteerden. Kortom, zij brachten orde aan in de papierwinkel. Hulde en lof voor hun geduld en vasthoudendheid! Peter moet het mij maar niet kwalijk nemen, dat ik het woord nu richt tot Annemarie alleen. Wij hebben haar leren kennen als een bevlogen vrouw. Wat er ook gebeurde, die "Werken" moesten er komen. Vaak kwam zij met verzoeken en vragen: weet een jullie misschien...? , Heeft iemand van de club...? , Wil iemand zorgen voor...? Zo wist ze ons bij tijd en wijle ook aan het werken te houden.
Maar wij konden evenzeer met vragen bij haar terecht: Annemarie, weet jij waar Godfried iets schreef over...? En hoe gek wij het ook bedachten, zij stelde ons nooit teleur. Met Bomans in je badkamer lijkt dat natuurlijk niet zo verwonderlijk, maar ondanks dat en niettegenstaande de inzet van alle anderen zou de "Werken" er zonder jouw Vliesvleugelige vlijt beslist nooit zijn gekomen. Het was een monnikenwerk, een heksentoer, een reuzenarbeid, want de kabouter kwam 's nachts niet. Als teken van onze grote bewondering en bijzondere dank, bied ik je, namens het Godfried Bomans Genootschap, dit boeket aan.
Dames en heren, nu de "Werken" (met een goed personenregister...!) er staan, kan het oeuvre pas echt goed bestudeerd worden. Nu pas kunnen we nagaan wat Godfried Bomans gezegd heeft over verschillende onderwerpen. Nu pas kunnen we zijn literaire opvattingen leren kennen, zijn levensvisies. Nu pas is het mogelijk zijn stijl goed te onderzoeken. De "Werken" zijn klaar, zeker, maar wij zijn er nog niet klaar mee.