Duys en Bomans
of na de dood van een duizendpoot

Willem Duys werd in 1928 geboren en is inmiddels oud. Tijdens zijn actieve leven heeft hij veel gedaan. Het bekendst werd hij als presentator van het praatprogramma 'Voor de vuist weg' dat in de jaren zestig 4 ŕ 5 miljoen kijkers trok. In dat programma verschenen allerlei mensen, van groot tot klein, als ze maar iets bijzonders te melden hadden. Op tafel stond een vredige kom met goudvissen maar in de zaal kropen of slopen soms wilde dieren.
In het verzamelde werk van Bomans is niets over Duys terug te vinden. Dat betekent niet dat ze elkaar niet kenden. In 1963 hebben ze nauw samengewerkt want Duys had de touwtjes in handen van het 'Grand Gala du Disque' dat Bomans presenteerde. Daardoor veranderde dat serieuze liedjesfestival in een klucht en maakte Bomans dat ene been van Marlčne Dietrich wereldberoemd.

In onze tijd zijn er volgens mij geen volksschrijvers meer, zeker niet, nadat Gerard Reve, die zichzelf daartoe benoemd had, in 2006 is overleden. Vroeger hadden we nog de 'stukkieschrijvers' Simon Carmiggelt en Godfried Bomans. Een deel van het grote oeuvre van Bomans is zonder meer licht te noemen. Boekjes als 'Kopstukken' vlogen over de toonbank en vonden hun weg naar lezers die tot het volk gerekend moesten worden.
Bomans overleed in 1971. Een jaar later kwam 'Herinneringen aan Godfried Bomans' uit. Ruim dertig mensen als Michel van der Plas, Harry Mulisch en Kees Fens gaven daarin hun mening over de overleden schrijver maar wat ontbreekt, is een bijdrage die de stem van het volk vertolkte. Ik weet nog goed hoe 'het volk' de dood van Bomans ervoer. In die tijd zat ik in dienst. Op de kazerne was geen radio, tv of krant. Berichten uit de buitenwereld kwamen niet of nauwelijks door. Maar tegen kerst 1971 ging de dood van Bomans als een lopend vuurtje door de kazerne. Ongeloof was de meest voorkomende reactie: Het kón niet waar zijn dat de gezelligste oom van Nederland dood was. Had hij die zomer niet nog een huzarenstukje opgevoerd door een week op dat onbewoonde eiland te kamperen? En hoe oud was tie dan? Kon niet bestaan dat hij dood was! En toch was het zo.

In de zomer van 2005 stuurde Jan Henry van het Bomans Genootschap me een boekje uit 1977 toe met de titel 'In de stoel van Godfried'. Dat was door Jan Bomans - broer van Godfried - geschreven. Als waarschuwing had Jan Henry er een motto bijgeschreven: 'Het kan altijd gekker'. En inderdaad, het was bar. Mijn doorzettingsvermogen werd echter rijkelijk beloond. Op de laatste bladzijden staat een herinnering aan Bomans' sterfdag dat op 20 december 1975 in Elsevier Magazine was afgedrukt en vrijwel geheel onbekend is gebleven. Het is door Willem Duys geschreven en het komt sterk overeen met de manier waarop ik de dood van Bomans heb ervaren. De enorme indruk die zijn dood in ons land gaf kan ik het best vergelijken met de verslagenheid na de moord op de Amerikaanse president John F. Kennedy in 1963. Hieronder volgt een ietwat bewerkte samenvatting van het stuk van Duys.
Edward Krabbendam

De dag dat Bomans stierf

Het vroor die gedenkwaardige ochtend van de 22e december 1971 minstens achttien graden, althans in het hartje van Tirol. Zoals elke dag was de Nederlandse kolonie direct na het ontbijt naar het "station" van Serfaus geslenterd om daar een lift te pakken tot het Kölner Haus op ruim 2000 meter. Tijdens de tocht naar boven, in een stoeltje voor een persoon in de open lucht, is de stilte indrukwekkend … als er tenminste geen Nederlanders in de buurt zijn. En meestal is dat wčl het geval, want 's werelds luidruchtigste toeristen zitten rond Kerstmis bij duizenden in de buurdorpen Foss en Serfaus. Het stille beleven van de zweeftocht wordt derhalve meestal vervangen door vaderlandse vrolijkheid. (..) Die woensdagochtend 22 december 1971 bengelden wij met z'n tweehonderden aan de dikke draad toen één uitroep alle vrolijkheid op slag deed verstommen. Een willekeurig iemand had familie uit Amsterdam aan de telefoon gehad en had het nieuws direct ontsteld uitgedragen. "Godfried Bomans overleden"… de jobstijding ging van lift tot lift en legde in drie minuten de afstand af waar passagiers een half uur over doen. Slechts enkele Duitse en Zweedse 'zwevers' zullen niet begrepen hebben waarom zóveel Hollanders opeens zó stil waren…

Nadat ook iedereen op de zonneterrassen en in de gelagkamers van Kölner Haus het schokkende bericht had vernomen, gebeurde er iets heel merkwaardigs, illustratief voor de ongelooflijke populariteit van Godfried. Bij tientallen verlieten landgenoten hun luie stoelen… ski's werden afgegespt… sleetjes werden rechtop gezet… en de retourliften bestormd. Halverwege de middag was "half Nederland' weer terug in het dorp, links en rechts informerend naar nadere omstandigheden, vruchteloos wachtend op telefonische verbindingen, nog vruchtelozer prutsend aan zelfs de gevoeligste radio. En dat terwijl de vaderlandse ochtendbladen op z'n vroegst een dag later Tirol zouden bereiken. Nooit hebben mijn verhalen over Bomans zo'n dankbaar gehoor gehad als die avond. Vooral zijn befaamde uitreiking van Edisons aan Corry Brokken en Marlčne Dietrich herleefde weer in geuren en kleuren. [klik hier voor meer informatie]
Ieder jaar opnieuw, ook deze week zit ik op Godfried's sterfdag in zo'n zelfde liftje en denk ik terug aan toen… die vrolijke tocht naar boven, die stille terugkeer in het dorp, die middag en avond vol reminiscenties en anekdoten. Misschien vergaat het menige lezer ook zo, ongeacht de plek en het moment van het vernemen der jobstijding. Is het werkelijk alweer vier jaar geleden? Toch wel - zijn boeken zijn allemaal herdrukt, zijn mooiste tv-programma's herhaald, zijn markante monologen op platen vastgelegd. (..) Maar ik zou ŕlle herdrukken en herhalingen en platen graag ruilen voor nog eens één uurtje schaak, zoals tijdens ons tv-gesprek op 7 april 1963. Ik opende met e2-e4, de simpelste zet der onnozelen. Godfried keek heel lang naar mijn pionnetje en schudde zijn manen. "Tegen zoveel vernuft is geen kruid gewassen", sprak hij quasi-droevig en legde tot mijn verbazing zijn koning op de rug.
Willem Duys