2009



Godfried maart 2009

Godfried september 2009

Verslag van ‘Godfried’ van maart 2009

Het voorjaarsnummer van 2009 opent met ‘Van de voorzitter’. Fred Berendse meldt dat 37 jaar na het overlijden van Bomans, toch weer nieuwe wetenswaardigheden boven water komen. Berendse stipt enige artikelen aan en laat weten dat Gé Vaartjes zijn studie naar Top Naeff heeft afgerond en hij zich nu helemaal kan concentreren op de biografie van Godfried Bomans.

Jan Henry is al jaren geen redactiesecretaris van het Genootschap meer en toch steekt hij telkens weer een nieuwe ‘Godfried’ in elkaar. Hij werd dan ook in het voorwoord geroemd. De voorzitter riep redactiekandidaten op zich aan te melden.

In oktober 2008 kwamen leden van het Godfried Bomans Genootschap in Haarlem bijeen. Speciale gast was Rik Torfs. Jac Aarts maakte daarvan een verslag dat in diezelfde maand in Bomans Weekblad (internet) verscheen en nu in ‘Godfried’ is afgedrukt. Torfs, hoogleraar kerkelijk recht te Leuven en kritisch cultuurvolger, wordt soms de Vlaamse Bomans genoemd. Over Bomans was hij zeer te spreken. Torfs zei over zijn taalontwikkeling: “Ik heb vrijwel alles van hem geleerd.” Het werk van Bomans was een verademing bij wat Torfs in zijn jonge jaren moest lezen. ‘Bomans in triplo’ vond hij het mooiste tv-pogramma ooit gemaakt en hij roemde Bomans’ ironie, waaraan ernst ten grondslag lag.

Tijdens deze bijeenkomst presenteerde Jac Aarts ook het nieuwe print-on-demand-boek met een twintigtal artikel die Aarts voor het tijdschrift Godfried had geschreven. De titel luidt ‘Met andere maten’.

Als noot is een stuk van Aarts over Robert Vandeputte toegevoegd. Bomans interviewde deze politicus in het kader van de tv-documentaire voor de BRT Een Hollander ontdekt Vlaanderen. Torfs had niet veel op met deze slimme jurist.

Vervolgens komt ‘Godfried aan het woord’ met 4 stukjes die in 1945 afgedrukt werden in ‘de Volkskrant’. Het zijn recensies van (toneel-)voorstellingen. Prachtig geschreven en met kijk op kunst, maar erg gedateerd. Een recensie had volstaan. En een pittig ‘Parlevinkje’ dat de verzamelbundel ‘Werken’ niet gehaald heeft, zou niet misstaan hebben.

Rectificatie: In de vorige ‘Godfried’ liet neerlandica Marita Mathijssen weten dat Bomans een buitenechtelijk kind zou hebben. Een familielid van Bomans gaf een reactie die aan Mathijssen werd voorgelegd. Achteraf betreurde ze haar opmerking en gaf toe dat het een gerucht was.

(Ter introductie: Op 1 maart 2010 stond in ‘Trouw’ een interview van Monic Slingerland met kerkhistoricus pater Marc Lindeijer. Hij had een proefschrift geschreven dat onlangs in boekvorm is uitgekomen. De titel luidt: Pater Lighthart en de zaak Roothaan. Lighthart wilde pater Roothaan, gestorven in 1853, heilig laten verklaren. Slingerland schreef over het boek: “De knullige wijze waarop dat steeds mislukte leest als een soap.”)

Marc Lindeijer gaf in november 2008 in Delft een lezing over Bomans en de jezuïeten, tijdens de Stanislaslezing, die hij ter beschikking stelde voor ‘Godfried’. Daarover was nauwelijks iets bekend. In zijn Amsterdamse studententijd (1933-1939) was hij in de Krijtberg “vriend des huizes.” Daar praatte hij graag met de hartelijke studentenpater Jan van Heugten. Bomans vond diens aanwezigheid “zuiverend, bevrijdend (en) verruimend” werken. En: “Men keek in een spiegel en zag zichzelf weerkaatst in een omvang, die zowel groot als bereikbaar was.”

Bomans volgde in zijn Nijmeegse periode (1939-1943) colleges mystiek bij de later heilig verklaarde Titus Brandsma. Ook door contact met hem, werd een mens groter. Mystiek geeft aan de vereniging met God. Volgens Bomans leefde Brandsma ook als zodanig.

Uit de rede van Lindeijer blijkt voorts Bomans’ belangstelling voor pater Roothaan, die hij waardeerde. Hij had een biografie willen schrijven maar dat werd te duur geacht (10.000 tot 15.000 gulden). Heilig verklaren hoefde van hem echter niet. Lindeijer schrijft: “Persoonlijk had Bomans weinig met heiligen als voorsprekers of beschermers, zoals hij zich ook veeleer schertsend uitliet over heiligenverklaringen.”

Na Ignatius van Loyola, de stichter van de orde van de jezuïeten en Aloysius van Gonzaga,kwam een gedeelte met Bomans en pater Jan van Kilsdonk. In 1969 interviewde Bomans hem voor NCRV-televisie. Lindeijer raadpleegde pater Guus van Hemert. Hemert schreef over dat interview, puttend uit zijn herinneringen, dat Bomans stil werd: “Je zag hem van interviewer tot luisteraar worden, tot leerling. Zichtbaar op het scherm, kreeg hij de bijscholing die hij nodig had.” (1)

Ondanks bewondering voor Titus Brandsma, hoefde hij naar de smaak van Bomans, niet zalig of heilig verklaard te worden. Toch was een bepaalde heiligheid Bomans lief, die van de mystici. Lindeijer schrijft: “Heiligen moesten met beide benen in de wereld staan, volwassen zijn, volledig en bovenal ( ) zoekers van God zijn in alle dingen.” Bomans stelde Ruusbroec, Johannes van het Kruis en Theresia van Avila ten voorbeeld en schreef: “Ik geloof dat de God als kameraad, als het wezen dat je helemaal vervult ( ) nu aan ons allen als opgave wordt gesteld.” Daarbij had heiligheid voor Bomans niets te maken met in afzondering leven op water en brood. Het ging hem om “de mate van medemenselijkheid die je vertoont, verder niet.”

Jan Henry legde de hand op een programmaboekje van actrice Lily Bouwmeester die in de jaren ’50 humoristische stukken van onder anderen Bomans voordroeg. In het boekje was een persoonsbeschrijving opgenomen. Naast juiste informatie, bleek Bomans een geboren Limburger, de oudste van een tweeling en meer. Had Bomans dit ingefluisterd?

Er is een foto van Bomans bekend, zittend op een bank met achter hem een schilderij tegen de muur. Fred Berendse ontdekte dat het om een schilderij van Carel Last ging, voorstellende burgemeester Pieter van de Werff van Leiden tijdens het Spaanse beleg.

Dr, mr, drs Marlolijn Februari schreef voor ‘de Volkskrant’ op 6 december een stuk waarin zij kenbaar maakte dat zij minister van Normen en Waarden wilde worden, het liefst nog dictator. Hoe zij zo kwam? De anarchistische Bomans blijkt aan de wieg te hebben gestaan van die gedachte. Februari gaf graag toestemming om de tekst over Bomans af te drukken in ‘Godfried’. Haar artikel wordt gevolgd door ‘Nadere opmerkingen’ van ondergetekende.

Mieke Poelman–Marquart Scholtz was in de jaren ‘60 van de vorige eeuw lid van de Godfried Bomans Kring, die soms bij de meester thuis bijeenkwam. Ze leverde een innemend bijdrage over haar contacten - enkele briefjes en bezoekjes - met Bomans. In een briefje van 28 februari 1971 schreef Bomans dat de tv-documentaire ‘Bomans in triplo’ in 4 landen ‘draaide’ en dat het met het boek ‘Van dichtbij gezien’ dezelfde kant opging, wat me niet bekend was.

Ook Johanna Smit schrijft een innemend stukje. In diverse landen kwam ze Bomans geestelijk tegen, het laatst op een reis naar Israel, waar Bomans in de hof van Getsemane had gelopen. Voor Smit was Bomans iemand, die met humor, vrijpostig denken en handelen en een spirituele gesteldheid, zijn tijd ver vooruit was.

Fred Berendse behandelt de kwestie die zich tijdens de Duitse Bezetting voordeed, waarbij Bomans opgezocht werd met het verzoek lid te worden van de Kultuur Kamer, wat collaboratie met nazi’s inhield. Bomans weigerde. Het verslag van dat bezoek is in ‘Godfried’ afgedrukt. (2)

Ten slotte ‘Nieuwsflitsen van augustus 2008 tot februari 2009’ van ondergetekende. Daarin staan (bekorte) nieuwsberichten die eerder op deze site zijn verschenen. De aandacht gaat onder anderen uit naar: Joop Lücker, Hans Lichtenstein. Rik Torfs, ‘Geloof in Nederland’, ‘Met andere maten’, Greet Hofmans, Wouter van Dieren, Titus Brandsma, Willem Brakman en Marjolijn Februari. Verder aandacht voor de nieuwe 1000-pootjes op deze site van ondergetekende, te weten: Bomans en Greet Hofmans, Bomans en Rik Torfs, Bomans en Titus Brandsma, Bomans en Wouter van Dieren en Bomans en ‘de Volkskrant’.

Opmerkingen

1. Pater Guus van Hemert stelde dat Bomans tijdens het tv-interview met pater van Kilsdonk stil werd. Die indruk is juist, zoals blijkt in ‘Bomans en Wouter van Dieren’.

2. De zaak rond de Kultuur Kamer is op deze site behandeld in ‘Bomans als onderduiker’. Dit en bovenstaand artikel zijn te vinden in de rubriek 1000-poot.

Edward Krabbendam

28 maart 2010

Verslag van ‘Godfried’ van september 2009

Het najaarsnummer van 2009 begint gewoontegetrouw met een voorwoord van de voorzitter waaruit blijkt dat ‘Godfried’ al 31 jaar flonkert. Daar kunnen hedendaagse glossy’s als Linda, Sonja en Maarten niet tegenop.

Jac Aarts, redacteur van Bomans Weekblad op internet, levert een voorwoord bij een artikel van musicologe Sabine Lichtenstein, dochter van Hans Lichtenstein, de joodse musicus die tijdens de Duitse bezetting enige tijd bij Bomans ondergedoken is geweest.

Na de bezettingstijd werd vrijwel niets meer van Lichtenstein vernomen waardoor ondergetekende ‘Hoe is het Hans Lichtenstein toch vergaan?’ schreef. Dat werd in 2007 in Bomans Weekblad gepubliceerd. Sabine kreeg dat stuk later onder ogen en nam in de zomer van 2009 contact op met Jac Aarts, met als resultaat een artikel waarin ze uitvoerig beschreef hoe het haar vader na 1945 was vergaan. Dat werd in 2009 op genoemd internetweekblad geplaatst en is nu opgenomen in ‘Godfried’.

Over Bomans en haar vader schreef ze dat beide heren het goed met elkaar konden vinden. Hans Lichtenstein sprak weinig over zijn onderduikperiode maar als hij over Bomans sprak, was dat “telkens met grote dankbaarheid en hoogachting.” Op de vraag waarom haar vader niets geschreven had in het boek ‘Herinneringen aan Godfried Bomans’ uit 1972, was het antwoord: “Mijn ouders ( ) wisten niets van een herinneringsboek over Bomans, laat staan dat men mijn vader vroeg er aan bij te dragen. Anders had hij dat natuurlijk gedaan.”

Aarts verzorgt ook het nawoord en een notenapparaat.

Ook het volgende artikel is van de hand van Jac Aarts, dat eerder in Bomans Weekblad is gepubliceerd. Het is een verslag van de voorjaarsbijeenkomst van leden van het Genootschap in Haarlem. Hoofdgast was de 89-jarige Hetty Blok ofwel zuster Clivia. Zij droeg sprookjes voor van Bomans, iets wat ze vroeger ook had gedaan. Aarts stipte er enige aan en voorzag ze van overpeinzingen. Het optreden van Blok werd met een langdurig applaus besloten.

Fred Berendse schreef ‘Zwolle ontwaakt’, een humoristisch stukje. In die gemeente is men er na 225 jaar achtergekomen dat het in Italië bestelde en betaalde (45.000 gulden) praalgraf van Joan Derk baron van der Capellen tot den Pol - voorzien van diverse beelden - niet is afgeleverd. Dat willen ze alsnog want het is, volgens bevoegde zijde, een cultuurhistorisch erfgoed waarvan het belang groot is.

Toen Bomans in 1954 een jaartje in Rome was, bekeek hij het praalgraf met beelden en vond dat het daar beter kon blijven staan. En die van der Capellen tot den Pol had nauwelijks een rol gespeeld in de vaderlandse geschiedenis.

‘Van dichtbij bekeken’ is een Volkskrantstuk van Bomans van begin 1966. Hij stelde zich de vraag of er wel in het Nederlands gezongen kon worden. Hij was van mening dat onze taal weinig raad weet met pathos waardoor het zingen van opera’s in het Nederlands nogal lachwekkend is. Onze taal kan het niet aan. Bomans meende iets dergelijks te zien in de liedjes van Georges Brassens die overigens door Ernst van Altena “voortreffelijk” vertaald waren. Ernst van Altena reageerde een week later in dezelfde krant. Tevens werd een weerwoord van Bomans afgedrukt. In ‘Het Nederlands en de muzen’ ging Bomans nader op die kwestie in. Hij besloot met:

“Het is onzin om te menen dat het Nederlands niet lyrisch kan zijn, als men maar bedenkt, dat het Nederlandse lyriek moet wezen. Men moet roeien met de riemen die men heeft en het is verrassend, hoe snel men dan vooruitkomt. Want onze taal heeft, en hier komen we aan de kern van de zaak, een eigen pathetiek, die men bij Bloem, Nijhof en de dichteres Vasalis het best belichaamd vindt: een schijnbaar koel constateren, waarbij de bewogenheid aan de lezer wordt overgelaten. In die marge van het gesuggereerde ligt onze kans.

Fred Berendse brengt de wandelgids ‘Dwalend door Heemskerk’ onder de aandacht, met 60 routes langs literaire of historische plekken. In route 5 komt Bomans ter sprake. In café De zon gaf hij in de jaren zestig een lezing.

Jac Aarts schenkt aandacht aan ‘Drukke tijden’, een print- on- demand-boek met 25 artikelen van zijn hand over Bomans, die eerder zijn verschenen in de Bomanskrant, de voorloper van Bomans Weekblad.

‘Bomans leest’ is de titel van een bijdrage van radiospecialist Piet Tullenaar. ‘Het Godfried Bomans Luisterboek’, met 50 radiocolumns op 6 cd’s, is verschenen en dus te koop. Het gaat om zijn radiocolumn ‘Ernst en humor in Mijmeringen’ die Bomans met een onderbreking van vele jaren gedurende 6 jaar voor de Avro-radio heeft verzorgd.

Tot slot ‘Nieuwsflitsen van februari tot augustus 2009’ van ondergetekende. Daarin staan (bekorte) nieuwsberichten die eerder op deze site zijn verschenen. Aandacht is er onder anderen voor Titus Brandsma, Kees van Kooten, Herman van Rompuy, Midas Dekkers, Rik Torfs, Aaf Brandt Corstius, Pieter Jongeling en Bomans, die bijna in de Noordzee was verdronken. Verder aandacht voor de nieuwe 1000-pootjes van ondergetekende te weten: Herinneringen aan Godfried Bomans – Supplement, Bomans en katten, Bomans en Midas Dekkers, Bomans als cultuurfilosoof, Bomans en Wim Kan en Bomans en Erik of het klein insectenboek.

Edward Krabbendam

26 maart 2010